Spiegel der Martelaren: Twee jonge vrouwen, rond het jaar 1550
Het is gebeurd in het aartsbisdom Bamberg, rond het jaar 1550, dat er twee jonge vrouwen de Heere Christus door het geloof getrouwd, en aangenomen hebben, en zichzelf (in navolging van de Heere Christus) op het geloof hebben laten dopen, en uit de zonde opstaande, in een nieuw leven met Christus hebben zoeken te wandelen.
Hierover zijn ze van de anti-Christenen gezocht, om dit goede doel te verhinderen, en deze goede mening zoveel ze konden in hen te dempen. En hebben daarom deze twee vermeldde jonge schaapjes in de gevangenis geworpen, waar zij hen heel erg hebben gepijnigd, en met meer onbijbelse middelen geprobeerd hebben om hen afvallig te maken. Maar aangezien zij vast op Christus gebouwd waren, zijn ze in al deze beproevingen getrouw en standvastig gebleven.
Om die reden zijn ze door de overheid (die in dit soort zaken over het algemeen het advies van de valse profeten willen volgen) veroordeeld om te moeten sterven, waarin zij blijmoedig en onverschrokken zijn geweest. Toen zij nu tot de doodstraf weggeleid werden, hebben hun vervolgers (tot hoon en spot) hen kransen van stro opgezet, waarop de een tot de ander gesproken heeft, aangezien de Heere Christus voor ons een doornenkroon gedragen heeft, waarom zouden wij niet (tot Zijn eer) deze stro-kroon dragen; de getrouwe God zal ons voor deze kroon een mooie gouden kroon en heerlijke krans opzetten. Zodoende hebben zich deze twee jonge spruiten (in navolging van hun Hoofdman Jezus) met lijdzaamheid gewapend, en zijn tot de dood toe getrouw geweest, standvastig gestorven, en hebben de heerlijke kroon bij God in de hemel uit genade verworven.
Deze vrouwen, werden door hun tegenstanders deze lof toegeschreven, dat ze geheel onverschrikt en vastberaden gestorven zijn. En dat ze een werkelijk fundament en grond voor het Christelijke geloof aan hun verlosser Christus Jezus gehad hebben, die zij openlijk beleden, en in hun nood aangeroepen hebben, in Welke zij met vaste hoop standvastig gestorven zijn. Zodat bij haar tegenpartij getwijfeld werd of zij niet zelf meer in dwaling voor God vervallen waren dan deze jonge dochters, al was het zo dat ze overdopers geweest zijn.
Hertaald uit: Spiegel der Martelaren/Martyrs Mirror, Thieleman J. van Braght
© http://www.er-is-waarheid.nl / http://www.eriswaarheid.wordpress.com
